'Matthijs en de verborgen geschiedenis', aflevering 2

Indië in oorlog

Matthijs' vader kan zeker wel iets vertellen over de familiegeschiedenis in Nederlands-Indië. Maar ook voor hem is nog veel onbekend en onduidelijk. Hij vertelt in grote lijnen over de koloniale geschiedenis van Nederland, hoe het begon, dat de VOC eeuwen geleden het eilandenrijk bereikte en er specerijen weghaalde. En over het begin van de Tweede Wereldoorlog in Azië, waar Japan, gedreven door expansiedrift, de grote agressor was.

Japan bezette, na een korte strijd, ook Nederlands-Indië. De mensen met een Nederlands paspoort werden onmiddellijk in kampen weggezet. De oorspronkelijke bevolking, de zogenaamde inlanders, werd met rust gelaten. Ze zagen de Japanners ook een beetje als bevrijders. Wie precies een Nederlander was, was niet altijd even duidelijk vast te stellen. Want diverse bevolkingsgroepen hadden zich door de eeuwen heen met elkaar vermengd.

“Mijn opa was een Nederlander, bovendien een militair, dus hij belandde sowieso in een kamp. Hij overleed later in een kamp in Birma.
"Dus toen onze familie nog in Indië woonde, waren ze Nederlanders en geen inlanders?” wil Matthijs weten.

Vader vertelt over die grote smeltkroes van culturen die door de eeuwen heen is ontstaan. Niet alleen Nederlanders kwamen in Nederlands-Indië, ook Portugezen, Engelsen, Fransen en Duitsers. De familie bestond dan ook uit een mix van Nederlands, Duits en inlands bloed, en zij waren dus de zogenaamde Indo’s. De Indo's belandden in principe allemaal in de kampen, tenzij ze konden aantonen dat ze voor een groot deel inlands bloed hadden. Dan kon je als je wilde buiten de kampen blijven. Dat waren de buitenkampers. In veel gevallen waren zij niet beter af, want veel inlanders beschouwden ze toch als Nederlands.

Matthijs moet al deze nieuwe informatie goed verwerken. Hij vindt het verwarrend. Het ene land dat het andere binnenvalt en als bevrijder wordt gezien. Nederlanders die in kampen worden gevangen genomen, maar toch weer niet allemaal. Hij vraagt zich af aan welke mensen eigenlijk een land toebehoort. Hij dacht ook aan IS, de Koerden, de oorlog in Oekraïne. Grenzen lijken niet vast te liggen.Terwijl Matthijs de puzzelstukjes probeert te ordenen vraagt Eveline verder.

“Maar dan wist uw oma toch dat haar man was overleden? Want de hele familie zat toch in het kamp?”

Vader vertelt over de vele kampen die er waren. Dat waren nu eens afgezette delen van een woonwijk, dan weer echte gevangenissen. Ook dat de vrouwen van de mannen werden gescheiden; de kinderen mochten bij hun moeder blijven tot een bepaalde leeftijd. Er vond regelmatig een herverdeling plaats, waarna de ruimte in een kamp steeds beperkter werd. Hij vertelt ook dat zijn opa een militair was. Militairen kwamen in krijgsgevangenkampen terecht en moesten dwangarbeid verrichten. Opa werd naar Birma getransporteerd, waar hij moest werken aan de aanleg van de Birmaspoorlijn. Zwaar werk waarbij per dag 75 krijgsgevangen stierven. Na de oorlog probeerde je elkaar weer terug te vinden.

Niet iedereen vind elkaar terug. Dan is er sprake van grote onzekerheid en ongerustheid in de familie. Een speurtocht begint. Je probeert te achterhalen wie in welk kamp zat. Soms hoor je van anderen dat een bekende was overleden, maar dat moest dan nog wel worden bevestigd. Zolang dat niet gebeurde leefde je in onzekerheid. De meeste inlanders, opgejut door Japan, wilden af van de Nederlanders. Na de overgave van Japan bleven de meesten toch maar in de gevangenkampen, omdat het er buiten niet veilig was. En ze werden - raar eigenlijk - beschermd door de Japanners, die ze eerst gevangen hielden.

Dat Matthijs’ opa zocht naar zijn eigen vader, blijkt uit een document in het familiearchief.

 

Toen duidelijk werd dat hij niet meer leefde, is oma met vier kinderen in 1946 naar Nederland gegaan. Zonder man in huis was het niet veilig meer in Nederlands-Indië. 

“Maar Nederland kenden ze toch helemaal niet?” zei Eveline verbaasd.
“Was het een vertrek of een vlucht?” vroeg Matthijs.
“Dat is net zo’n moeilijke vraag als van wie een land is” zei vader. “Ze verliet haar moederland, dat was gewoon het beste.”
“Weet je hoe het leven was in de kampen?” vraagt Matthijs.
“Een beetje. Maar laten we eerst maar eens wat gaan drinken.”

Dit is de tweede aflevering van het feuilleton. De vorige aflevering kun je hier teruglezen.

Digitale leskist

Een gratis lesprogramma over WO II voor groep 7 en 8 van het basisonderwijs.Op interactieve wijze worden 6 thema´s behandeld: koken en eten, (over)leven, communicatie, vervolging, verzet en vluchten.

Over vrede...

Wijsheid_05.jpg